NOOWROEZ  

(= De Nieuwe Dag, Nieuwjaarsdag)  

Noowroez is het grootste feest bij de IraniŽrs en andere volkeren rondom Iran. Dit feest wordt gevierd bij het begin van de lente.


INHOUDSOPGAVE:

KLIK A.U.B. OP UW KEUZE; MET EEN TERUGKLIK BENT U WEER BIJ DE INHOUDSOPGAVE.

INLEIDING

TRADITIES EN GEWOONTES VAN NOOWROEZ

NOOWROEZ

De laatste dinsdagavond van het jaar

Het man-zoeken-feest!

HAAFT SIN (= DE ZEVEN ESSEN, de jaarwisselingstafel)

LIEDJE


INLEIDING

Vanaf het begin van de Iraanse geschiedenis worden er in Iran twee grote nationale feesten gevierd: Noowroez en Mehregan.

Vroeger was Noowroez het feest van het begin van het zeven maanden durende zomerseizoen en Mehregan was het feest van het begin van het vijf maanden durende winterseizoen.

De feesten werden door alle lagen van de bevolking, rijk en arm, gevierd.

Tot de Islam in Iran staatsgodsdienst werd en alleen Islamitische feesten toegestaan waren.

Tijdens het gezag van de Omawieden-dynastie betaalde de Iraanse bevolking tussen vijf en tien miljoen zilveren munten om het recht te verkrijgen Noowroez en Mehregan te mogen blijven vieren.

Later, in de tijd van de Abbasieden-dynastie, toen ook een paar IraniŽrs als minister in de regering werden opgenomen, was het vieren van de Iraanse feesten weer toegestaan.

 

IraniŽrs houden ervan na hun werk feest te vieren, te dansen en muziek te maken. Iraanse nomaden zijn hiervan het beste bewijs. Ze vieren na hun werk bijna elke dag feest.

In Iran waren er vroeger veel feesten, die genoemd werden naar de dag of de maand, wanneer het feest werd gevierd. Voorbeelden: Baahmaanroez (januari/februari) is genoemd naar de maand, waarin dit feest werd gevierd. Evenals Faarwaardienroez (maart/april).

Er werden ook veel feesten gevierd, die hun oorsprong vonden in de religie bijvoorbeeld Faarwaardegan en Gahaanbarha (= zes feesten die herinnerden aan de schepping van de wereld en de mens, die zes dagen duurde).

Men kende ook de groep nationale en/of volksfeesten zoals Mehregan, Saadeh, Baahmaan-dzjneh, Koeseh, Tsjahar-sjaanbeh-soerie, Noowroez, Mier-noowroezie en Paandzjeh.

De groep familiefeesten zoals het vrouwenfeest Maard-gieran (= mannen jagen) of Moozjdeh-gieran, het naamgevingsfeest voor een pasgeboren kind, het besnijdenisfeest, het verlovings- of huwelijksfeest hoorden bij de familiefeesten.

Men toonde zijn dankbaarheid in de vorm van dankfeesten zoals Siersoer, Nieloefaar, Goolsoerie, Abriezan enz.

Men vierde ook de natuurfeesten zoals seizoenfeesten, zaai- en oogstfeesten, een schapenfeest waarbij de met veelkleurige sjaals rond de horens versierde ooien de kudde schapen ingejaagd werden (dit feest heette Baar-dadaan-goesfaandan) etc.

Op al die feesten werd gemusiceerd, gedanst, gegeten en gedronken en plezier gemaakt.

 

TRADITIES EN GEWOONTES VAN NOOWROEZ

Halverwege de maand maart, op de laatste dinsdagavond van het Iraanse kalenderjaar, beginnen officieel de eerste Noowroez-feesten. In heel Iran wordt dan het "vuurwerkfeest" gehouden. Men legt een oneven aantal houtvuurtjes achter elkaar aan en springt erover heen met de woorden "jouw rood (kleur van de vreugde) is het mijne, mijn geel (kleur van ziekte en ongeluk) is het jouwe"; meisjes spelen een afluisterspelletje. Hoort een meisje als eerste woord iets positiefs, dan wordt het komende jaar een gelukkig jaar, vooral in de liefde; iets negatiefs betekent het omgekeerde.

Kinderen en volwassenen gaan onherkenbaar gesluierd en met een lepel op een kommetje tikkend langs de deuren en krijgen dan snoepgoed, noten en kleine cadeautjes. Meisjes spelen dan weer het spelletje: Krijg ik bij het eerste huis noten, dan houdt hij van mij etc.

 

Na het Vuurwerkfeest komt het Paandzjeh-feest (= feest van 5). Als elke maand op 30 dagen gerekend wordt (12 x 30 = 360), dan blijven er 5 dagen over om te feesten.

Na het Paandzjeh-feest volgt het Faarwaardegan-feest. Dit is het feest van Oudejaarsdag, waarop de geesten van alle voorvaderen even op bezoek komen.

Dan volgt het Noowroez-feest. Dit feest begint met amnestie voor een aantal gevangenen.

De kleren die men draagt zijn nieuw, het eten is vers gekookt. En het feest gaat door:

 

NOOWROEZ

1. Alles moet nieuw:

Een maand voor NOOWROEZ en soms nog wel eerder begint men met de voorbereiding voor het maken van onder- en bovengoed. Men doet bloembladeren, rozenwater of andere lekkere geurtjes in de kledingkisten. Men probeert ook zoveel mogelijk nieuwe dingen te kopen.

 

2. Alles moet schoon:

Ongeveer twee weken voor NOOWROEZ begint de grote schoonmaak van het huis. Men gelooft dat op de plaatsen die niet schoon zijn, boze geesten kunnen huizen. Wat gewassen moet worden, wordt gewassen zoals tapijten, kleden, hoezen, gordijnen enzovoort. Alles wat kapot is, moet worden hersteld. Muren moeten worden gesausd en deuren geverfd. Alle potten en pannen moeten worden gepoetst. Alle stoepen moeten gerŽaliseerd worden opdat niemand zal vallen. Alle tuinen moeten worden omgespit en er wordt bloemenzaad gezaaid. Alle waterputten moeten worden schoongemaakt. Kortom: Op de laatste dinsdagavond van het jaar moet alles schoon zijn!

Op de bewuste dinsdagavond, wanneer alles schoon en net is, gaat men zelf naar het badhuis. Van jong tot oud. Op die avond maken de dames zich behoorlijk op door het haar te verven, mascara te gebruiken enzovoort. Het baden duurt op die dag langer dan gewoonlijk en gebeurt grondiger.

 

3. De laatste dinsdagavond van het jaar:

De laatste dinsdagavond van het jaar wordt het Dinsdagavondfeest genoemd. Dit feest kent onder andere de volgende tradities:

Het Vuurwerkfeest:

Aan het begin van de avond legt men een oneven aantal houtvuurtjes achter elkaar aan en springt erover heen met de woorden "Jouw rood (kleur van de vreugde) is het mijne, mijn geel (kleur van ziekte en ongeluk) is het jouwe."

Het wat-neem-je-weg?feest:

Wanneer het Vuurwerkfeest is afgelopen, ruimt iemand de as en de rommel op en als hij het wil wegbrengen, vragen de mensen hem:"Waar ga je heen?" "Ik ga naar buiten." antwoordt de opruimer. De mensen vragen weer:"Wat-neem-je-weg?" "Ik neem jullie ziektes en onheil weg." Hij vertrekt en neemt alle rommel mee en verwijdert het.

Het wat-breng-je-mee?feest:

Wanneer hij terugkomt, vragen de mensen hem: "Waar kom je vandaan?" "Ik kom van het bruiloftsfeest." antwoordt de man. "Wat heb je meegebracht? " vragen de mensen hem in koor. "Gezondheid voor allemaal", antwoordt de man.

 

Het man-zoeken-feest!

De jongedames, meisjes en alleenstaande vrouwen die een man wensen, spelen een afluisterspelletje. Het gaat als volgt: De bewuste dame doet een wens en zegt in zichzelf: "Als het eerste woord wat ik hoor iets positiefs is, dan bezit ik het volgend jaar om deze tijd een man." Iets negatiefs betekent het omgekeerde.

Het kruik-breek-feest:

Een van de gewoonten van deze avond is dat men zijn oude kruik vanaf het dak stuk gooit en wenst dat hij hiermee al zijn verdriet en kwalen van zich afschudt. Men heeft inmiddels al een nieuwe kruik voor het nieuwe jaar gekocht.

Het lepeltje-tik-feest:

Kinderen en volwassenen gaan, onherkenbaar gesluierd met een lepel op een kommetje tikkend, langs de deuren en krijgen dan snoepgoed, noten en kleine cadeautjes. Meisjes spelen dan weer het spelletje: Krijg ik bij het eerste huis noten, dan houdt hij van mij etc.

Het knoopje-los-feest:

Bij het doen van een wens, doen mensen een knoop op hun kleding, vooral vrouwen op hun hoofddoek of sluier, gaan in een donker hoekje staan en vragen aan de eerste voorbijganger of deze de knoop los wil maken. Meestal doet hij dat. Men denkt, dat zo zijn of haar wensen in vervulling zullen gaan.

 

Op deze avond eet men een uitgebreid notenbuffet: Onder andere rozijnen, Turks fruit, amandelen, pistache- wal- hazel- en cashewnoten, droge perziken, pruimen, enzovoort. Iedereen doet een wens bij de gedichtenbundel van de Iraanse dichter Hafez. Het gaat als volgt: De oudste of de geleerdste vraagt aan iedereen om een wens te doen. Dan opent hij blindelings de gedichtenbundel van Hafez en leest de ode op die bladzijde voor en legt uit wat de betekenis ervan is.

 

HAAFT SIN (= DE ZEVEN ESSEN,

(de jaarwisselingstafel):

Bij de meeste volkeren en culturen van de mensheid is de Zeven een heilig en gewijd getal.

In de overtuiging van Zarathoestra komen zeven Aamsjaspaand (= engelen) voor.

Ze zijn behoeders van het bestaan en van de menselijke eigenschappen. In de overtuiging van Boeddha is het getal zeven zeer heilig. Sommigen geloven dat Boeddha na zijn geboorte zeven stappen gezet heeft in de richting van de kennis van het bestaan en de zegening voor de wereld. In de Chinese epossen is het getal zeven een gezegend getal. In hun religieuze tradities, brandden de Boeddhisten zeven kaarsen, ze geloofden dat zeven lichten van de aarde gelijk waren aan zeven lichtende sterren van de Grote Beer. In de oude Griekse literatuur komen we de namen van zeven goden tegen. In oude Romeinse literatuur bestaan zeven dansen en feesten. In de literatuur van Egypte komen we de zeven vette jaren tegen. In de Thora verdeelde koning Salomo de tijd in zeven dagen en hij verklaarde de zevende dag tot rustdag. In het boek Johannes staat dat hij in zeven kerken heeft gebeden en toen hij sliep, kreeg hij een visioen van zeven geesten, zeven gezichten en zeven engelen. Tijdens de Mekka bedevaart leggen de Moslims zeven gebedsronden om de Kaša af. De ceremonie van de Mekkabedevaart heeft zeven delen: Ehram (=Aankleden in de voorgeschreven pelgrimskleding), Taawaf (=gebedsronden om de Kaša), Saaii (=Streven en inspanning), Arafat (=Bedevaart in het gebergte Arafat, nabij Mekka), Mina (=Bedevaart in het gebergte Mina, nabij Mekka), Raami (=Afstand nemen door het gooien van zeven steentjes naar de pilaar van Satan nabij de Kaša) en Zibh (= Het feest van het offeren van een goed stuk vee).

Hindoes geloven dat een mens zeven keer wordt geboren en weer herboren en daarom moet een bruidspaar op hun bruiloft zeven voetstappen zetten. In de Thora wordt verteld dat Noach

zeven soorten reine dieren meenam. In de overtuiging van Zarathoestra moest men zeven rangen bereiken om de heilige stad binnen te mogen komen.

Een week is verdeeld in zeven dagen. Er bestaan zeven kleuren. De Grote Beer bestaat uit zeven sterren. Er zijn zeven hemelen. Er bestaan zeven lagen in het paradijs. Over de heiligheid en de zegeningen van het getal zeven bestaat veel literatuur.

In de oude Perzische overtuiging van Zarathoestra bestaan Ahoermazda (= Soeroesj, de Alwetende Schepper van het bestaan en zes Aamsjaspaand (= engelen): In Iran bestonden zeven vuurtempels. Die waren gegrondvest op zeven sterren.

 

In Oud-Iran liet men, een tijd voor de jaarwisseling, op basis van het heilige getal zeven, zeven planten of zeven soorten zaad in een schoon hoekje van het huis groeien. Op het moment van de jaarwisseling toen men tot Ahoermazda bad vroeg men Hem om zegen voor de gewassen en zong in koor de lofzang Wadzj-jiesjt uit Awesta (Het boek van Zarathoestra).

In andere literatuur zien we zeven woorden die in de Perzische taal met Tsjeh (tsj) begonnen en misschien waren het zeven soorten gewassen, die door de eeuwen heen veranderd zijn in de zeven Mim (m), dat waren: Morq (=Kip), Mahi (=Vis), Megoe (=Steurgarnaal), Masqati (=Pasta van Turks fruit), Maawiz (=Rozijnen), Mast (=Yoghurt) en Morabba (=Jam). Deze veranderden weer in de woorden die begonnen met de letter Sjin (sj), dat waren: Sjaam (= Kaars), Sjarab (= Wijn), Sjirini (= Koekjes), Sjir (= Melk), Sjarbat (= Zoet sap), Sjaahd (= Honing) en Sjahdaneh (= Hennepzaden).

Na de komst van de Islam in Iran veranderden die zeven woorden allemaal in zeven woorden die beginnen met de letter Sin (s):

1. Sib (= Appel) het symbool van goedheid en zegen.

2. Sabzeh (=Groente) het symbool van de lente en de zegen van de planten. Dit is meestal een schaal waarin men ongeveer twee weken voor de jaarwisseling graan of linzen liet kiemen.

3. Samanoe (=Pap van pas ontkiemd graan) het symbool van de zegen van het brood en het voedsel van het gezin.

4. Sir (=Knoflook) Het symbool van een smetteloze en schone natuur.

5. Serkeh (=Azijn) Het symbool van gezondheid en reinheid van het huis.

6. Somaq (= zuurachtig gemalen wilde bergkruiden) Symbool van de zegeningen van de oven en de keuken.

7. Sendzjed (= Fruit uit de boom die lijkt op een oranje-bruine, droge en zoete woestijnolijf) Het symbool van de liefde, het huwelijk en de vruchtbaarheid.

 

Vandaag de dag zet men deze laatste zeven nog steeds op de jaarwisselingstafel en ook een spiegel omdat men gelooft, dat je op het moment van de jaarwisseling daarin moet kijken en een kom water met twee goudvissen en dat is een symbool van een oude Iraanse overlevering dat de wereld op de rug van een goudvis rust. Kinderen proberen dan te zien hoe die visjes rechtop in het water gaan staan op het moment van de jaarwisseling. Men steekt bij de tafel van de jaarwisseling een kaars aan om het nieuwe jaar te verlichten. Op de nieuwjaarstafel hoort een gedichtenbundel van de Iraanse dichter Hafez te liggen voor het doen van een wens en ieder legt zijn geloofsboek er ook op. De tafel wordt altijd gedekt met rozenwater, bloemen, nootjes, koekjes, fruit enzovoort.

Het NOOWROEZ-feest duurt dertien dagen. In deze dertien dagen gaat men bij elkaar op bezoek en daarbij wordt gezellig gegeten en gedronken en men geeft elkaar geschenken. Men probeert zijn ruzietjes bij te leggen om het jaar zonder haat of gevoelens van boosheid in te gaan.

Op de dertiende dag, waarvan men gelooft dat deze onheil brengt, gaat men, liefst in grotere groepen met familie en vrienden het dorp of de stad uit naar velden, parken of bossen om te picknicken, want men gelooft, dat men niet moet thuisblijven en het onheil van deze dag buitenshuis van zich moet afschudden. Men neemt eten en drinken mee en de rest van de noten, het fruit en de overgebleven koekjes van de NOOWROEZ om daar op te eten. Op deze dag probeert men elkaar in de maling te nemen met een grap, een leugentje etcetera. Men neemt ook zijn Sabzeh (bovengenoemde gekiemde groente) mee en iedereen legt een knoop in de stengels en doet een wens. Meisjes en jongedames maken hun knopen met de volgende wens:

 LIEDJE

Dat ik volgend jaar, op dezelfde dag,

in het huis van mijn man wezen mag,

en dat mijn kind in mijn armen lag!

Aan het einde van de middag gooit men zijn geknoopte Sabzeh in stromend water en tegen de avond komt men in zijn huis terug en wacht af tot de volgende NOOWROEZ.